Wat moet ik doen bij een vermoeden van coeliakie?

Wat moet ik doen bij een vermoeden van coeliakie?

Bij symptomen die wijzen op coeliakie volstaat een serologisch onderzoek meestal voor de eerste diagnose. De definitieve diagnose kan alleen worden gesteld met een dunne-darmbiopsie. Bij deze biopsie worden kleine stukjes weefsel weggenomen en onderzocht om eventuele afbraak van darmvlokken vast te stellen.

Serologische onderzoeken

Serologisch onderzoek kan het vermoeden van coeliakie versterken. Daarbij worden in eerste instantie de antitransglutaminase antistoffen (anti-tTG) in de categorie IgA onderzocht. Dit is een bijzonder betrouwbare, routinematig uitgevoerde bloedtest. Net zo veelzeggend, maar minder gebruikelijk, is een onderzoek naar anti-endomysium-antistoffen (EMA). De antigliadine-antistoffen (AGA) in de categorie IgA en IgG zijn vooral bij kinderen tot3jaar het duidelijkst, omdat deze een eenduidiger testresultaat opleveren dan de andere antistoffen. Verandering van AGA-IgG alleen is niet doorslaggevend voor de diagnose, behalve voor kinderen met een IgA-tekort.

De dunne-darmbiopsie

Bij een positieve uitslag van het serologisch onderzoek wordt een dunne-darmbiopsie aanbevolen die wordt uitgevoerd middels een gastro-duodenoscopie. Als het serologische onderzoek een positief resultaat heeft én typische veranderingen in de dunne darm worden geconstateerd (afbraak van vlokken, toename van intra-epitheliale lymfocyten), kanmetzekerheiddediagnose coeliakie worden gesteld.

Glutentest

Sommige gastroenterologen adviseren in geval van twijfel (dus als niet eenduidig coeliakie is vastgesteld) na één à twee jaar glutenvrije voeding korte tijd weer gluten in het voedingspatroon op te nemen. Als de consumptie van gluten binnen enkele maanden (in uitzonderlijke gevallenna jaren) leidt tot een klinische en bioptische achteruitgang, wordt de eerdere diagnose bevestigd. Deze glutentest moet plaatsvinden onder streng toezicht van een arts.